Uit de Bajes: het boek dat de duistere geheimen van Veenhuizen eindelijk blootlegt

Veenhuizen ontstond in 1823 als opvang voor bedelaars, wezen en “paupers”, maar groeide uit tot een gesloten wereld waar orde, discipline en stilte de dienst uitmaakten. Van den Brink beschrijft hoe het dorp functioneerde als een soort parallel universum: bewoners leefden volgens strakke regels, onder toezicht, met nauwelijks contact met de buitenwereld. Het bijzondere aan dit boek is dat het niet alleen historische feiten geeft — het legt ook bloot hoe generaties cipiers, gevangenen en families leefden met ongeschreven regels en een bijna religieuze zwijgplicht. Veel verhalen waren nooit eerder opgetekend, omdat spreken over “de bajes” lang taboe was. Dat maakt deze reconstructie rauw, echt en soms confronterend.

Een van de sterkste elementen in Uit de Bajes zijn de verhalen over ontsnappingen en incidenten die ooit de spanning bepaalden in de Noord-Drentse stilte. Van den Brink verzamelde getuigenissen van oud-bewakers en ex-gedetineerden die vertellen over mislukte vluchten, gewelddadige uitbarstingen en bizarre situaties die nooit het nieuws haalden. Het boek laat zien hoe Veenhuizen lange tijd een plek was waar dagelijkse routines en extreme gebeurtenissen naast elkaar bestonden. De ene dag was er absolute rust; de volgende dag kon een gevangene met een geïmproviseerd wapen een paniekgolf veroorzaken. Het levert een indrukwekkend beeld op van een gesloten systeem dat altijd op het randje balanceerde.